dinsdag 23 Januari 2018
dit is het online magazine van het Fonds voor Cultuurparticipatie. wil je een aanvraag doen, kijk dan op onze website

Uitweg naar een inspirerende wereld

Martijn Holtslag

Al van jongs af aan voelde Martijn Holtslag de noodzaak iets te vertellen. Zoveel zelfs, dat één band niet volstaat. Als Knarsetand is hij rauw, als Quibus hypnotiseert hij dit najaar onder meer het Popronde-publiek.

Ik groeide op het platteland op, waar ik een half kluizenaarsbestaan leidde. Op drumles was ik nooit heel goed, maar al op mijn twaalfde begon ik met rappen en beats maken. Ik voelde: dit kan en wil ik. Mijn eerste raps waren nog onwennig, maar toen ik taal leerde beheersen werden de teksten maatschappijkritisch. Al snel maakte ik met Fruityloops ook m'n eigen muziek voor eronder, simpelweg omdat ik niet snapte hoe het ook anders kon. In 2009 won ik daarmee een compositiewedstrijd van het Nederlands Blazers Ensemble. Ineens kwam ik op tv en mocht ik met ze mee op tournee, samen met Simon Vinkenoog en Bernlef. Muziekmaken bleek een uitweg, een vlucht naar een wereld met mensen van wie ik energie kreeg. En ik voelde op het podium de magie van mensen iets vertellen, ze meenemen.

Ik heb nooit iets anders gewild, ben na de middelbare school ook geen andere opleiding gaan doen. Mijn moeder steunde me, dat hielp. Maar ik had ook rebelse schijt aan alles. Iedereen om me heen ging studeren en was bezig met bier, meiden, uitgaan. Terwijl ik vrij deprimerende rapliedjes maakte over hoe kut de wereld wel niet was. Toen ik later in een positievere levensfase kwam, maakte ik als vanzelf een twist. Ik wilde iets moois meegeven.

“Nu zeggen mensen: 'Tof dat je het lef had dit te gaan doen.' Maar destijds kreeg ik geen support. Achteraf is het makkelijk praten.”

Als rapper had ik geen swagger, maar in de categorie dance/producers haalde ik ineens de finale van de Grote Prijs van Nederland 2011. Dat was het startpunt van Knarsetand, een genremix met tien man. Het platform Nieuwe Electronische Waar, van het Productiehuis Oost-Nederland, pikte me op. In hun intensieve talentontwikkelingstraject heb ik de band doorontwikkeld en geprofessionaliseerd. Best moeilijk voor zo'n koppige rebel als ik om met een team te werken, inclusief marketeers en een zakelijk leider. Ik leerde dat je soms rationele keuzes moet maken om iets te laten werken. Je kunt je wel honderd procent op het creatieve deel focussen, maar zonder goed plan wordt het nog niks.

”Er zwemmen veel te veel vissen in de vijver, die allemaal schreeuwen om aandacht. Terwijl er maar weinig wordt gevist, en nog minder vis gegeten. En mensen eten liever vis die ze kennen dan iets vreemds…”


Toen Knarsetand in 2015 stil kwam te liggen, besloot ik de dromerige muziek die ik ook maakte, als Quibus, live te gaan brengen. Dat was heel veel werk, maar het lukte! Nu doen we mee aan Popronde. Het leuke is dat het weer spannend is; er gaan nog weleens dingen mis. Maar de hypnose komt al over. En het is goeie promotie.

 

Begin dit jaar heb ik ook Knarsetand weer opgepakt, met een volledig nieuwe bezetting. Het is een stuk rauwer en psychedelischer geworden, maar ook persoonlijker en spannender. Dj'en doe ik even minder. Mijn focus is nu op de liveband en op optredens van Knarsetand op Amsterdam Dance Event en Noorderslag, en er komt een kleine clubtour. Dat is voorlopig heftig genoeg.'

placeholder

 

 

Popronde is een reizend muziekfestival. Met elf weken lang gratis optredens in 41 Nederlandse steden. Op poppodia en in café's, maar ook in winkels – zelfs op een Delftse rondvaartboot. Dé kans voor live-muzikanten om meters te maken.

Dit artikel heeft betrekking op de volgende regeling(en) van het Fonds voor Cultuurparticipatie website: Talent en festivals, Cultuur maakt iedereen

Dit artikel is een portret uit de reeks verhalen die we delen binnen het programma: Cultuur maakt iedereen