donderdag 16 Augustus 2018
dit is het online magazine van het Fonds voor Cultuurparticipatie. wil je een aanvraag doen, kijk dan op onze website

MeeMaakPodia - Het theater is van iedereen

Voorstelling in Corrosia

Intellingen met een podiumfunctie kunnen vanaf 30 april hun plan indienen voor de nieuwe subsidieregeling MeeMaakPodia van het Fonds. Daarmee kunnen ze zich doorontwikkelen tot 'huis van de stad en haar bewoners'. Dat kunnen behalve theaters, bijvoorbeeld ook bibliotheken zijn of musea. Drie theaterdirecteuren vertellen vast over hun ervaringen als MeeMaakPodium.

Ze noemen het 'doe-het-zelf-theater', 'publiekswerk' of 'Podium van de Stad'. De één heeft het principe al verder doorgevoerd dan de ander en ook de methodiek en de eindresultaten lopen uiteen. Maar alledrie de instellingen geven de omgeving een actieve rol in hun kerntaken – naast of zelfs in plaats van de reguliere programmering.

placeholder

 

De Deventer Schouwburg werkt al sinds 2008 aan Podium voor de Stad, sinds de voorganger van directeur Alex Kühne aan álle medewerkers vroeg: Wat zou jij doen als ik jou de sleutel van de schouwburg geef? Iedereen met een goed plan, die daarvoor de verantwoordelijkheid kan dragen en de publieksgrootte aardig kan inschatten, mag sindsdien aan de slag, begeleid door een stadsprogrammeur die ook zorgt voor dwarsverbanden tussen de programmaonderdelen.

 

 c:Isabelle Renate la Poutré

Hier en nu
Zou dit overal en altijd werken, of is er een reden dat juist op deze locaties MeeMaakPodia ontstaan, en dat het fenomeen nu groeit?

'De Schilderswijk bestaat voor meer dan negentig procent uit mensen met een niet-westerse achtergrond,' zegt Harrie van de Louw. 'Voor zoveel smaken kun je niet één programma ontwikkelen, dus zijn we gaan vragen: wat zou je willen zien? Ken je mensen die dat kunnen, of kun je het zelf organiseren? En kun je dat betalen? We helpen ze vaak bij het rondkrijgen van de begroting, bijvoorbeeld door winkeliers te vragen als sponsor.'

Ronald Venrooy noemt Almere-Haven 'een combinatie van een kunstenaarswijk, vergelijkbaar met het Noord-Hollandse Bergen, en een Vogelaarwijk, met veel oudere bewoners – ooit pioniers. Toen veel instellingen naar Almere-Stad vertrokken, kachelde deze wijk achteruit. We bieden een soort zwembadpas, waarmee mensen goedkoop kunnen komen, want de reguliere toegangsprijs is hier al snel te hoog.'

Ronald: 'Hier kun je niet alleen fantastische kunst in huis halen, je moet ook een actieve relatie met je omgeving aangaan, een culturele community bouwen. Anders valt je kunst in het niets.'

Alex Kühne is stellig over provinciesteden als Deventer: 'Als we onze traditionele programma's niet omvormen, betekent dat de dood voor regionale theaters die 200 tot 250 voorstellingen per jaar programmeren. We moeten veel meer in de samenleving te staan dan alleen tussen 19 en 22.30 uur een regulier programma te bieden.'

Zo beschouwd zullen er weinig plaatsen zijn waar een theater zich het kan veroorloven wél uitsluitend regulier aanbod te blijven programmeren, zonder de omgeving daarbij te betrekken. De tijdgeest is daarbij cruciaal. In Den Haag liepen voorgangers van de Vaiilant - ook amateurkunstpodia - vast. En vóór 2008 hadden veel Deventenaren al wel ideeën gehad voor de Schouwburg, maar waren ze vastgelopen in het doorontwikkelen ervan. Nu lukt het wel. Alex noemt dit 'een tijd van openstellen en verbinden.'

Het tijdperk van social media is het tijdperk van zelf maken en delen. En sinds veel wordt bepaald door stemmen en liken, is vraaggestuurd welhaast de nieuwe norm.

Sommige gebouwen lenen zich bij uitstek voor deze werkvorm. De Deventer Schouwburg kreeg door een verbouwing meerdere podia, verspreid door het gebouw. En Corrosia zit met onder meer een buurthuis, bibliotheek en atelierwoningen in één gebouw. Ronald: 'We moeten openstaan voor elkaars behoeften en noden, dus dat is best ingewikkeld samenleven. De bibliotheek ervaart groepjes jongeren weleens als problematisch, terwijl wij luidruchtige bejaarde line-dancers niet altijd bij onze exposities vinden passen. We hebben afgesproken dat wij als primus inter pares het concept en het gebouw beheren.'

placeholder


Harrie van de Louw is directeur van theater De Vaillant, een podium voor amateurtoneel in de Haagse Schilderswijk. 'Elke dinsdag zijn we open voor jongeren, die houden van dansen en muziek. Voorwaarde is dat ze het netjes achterlaten, er blijft ook altijd iemand van ons in huis met de sleutel. We zijn geen buurthuis, dus ze moeten wel iets dóen. Eens per kwartaal laten ze zien wat ze hebben gemaakt. Ouderen vormen onze tweede grote doelgroep, met laagdrempelige activiteiten vanwege taal- en cultuurverschillen. Zoals maaltijden met daaromheen een cultureel programma. Belangrijkste is ze met elkaar in contact te brengen. En als mensen willen samenwerken, helpen wij met subsidie-aanvragen of samenwerking met stedelijke instellingen en artiesten.'

Wie zijn de makers?
De theaters werken dus steeds meer vraaggestuurd, maar wie komt er met welke vragen?

Alex: 'Soms moet je de vraag naar mensen toebrengen. Omdat ze niet uit zichzelf komen als je ze niet eerst uitlegt wat er kan, hoe het werkt, dat het belangrijk is. Dat gaat met vallen en opstaan.'

Ook Harrie neemt soms zelf het initiatief: 'In mijn jongere jaren kreeg ik op het hart gedrukt: blijf altijd met mensen praten en samenwerken, dan komt het goed. Daarom blijf ik altijd vragen stellen. Toen een stel Surinaamse jongens in Rotterdam eens achterin de tram op de bankjes zat te trommelen, vroeg ik: “Is dat kawina?” We raakten in gesprek en uiteindelijk ontstond er een lokale kawina-scene, inclusief festival.

Ronald: 'In ons project Team Franc Graduation Show stelt een team van acht Almeerders onder leiding van burgemeester Franc Weerwind voor ons een expositie samen met eindexamenwerk van alle kunstacademies in Nederland. Dat levert voor ons echte fans en kunstliefhebbers voor het leven op.'

Alex: 'Ik durf niet te zeggen of bij ons al die nieuwe mensen vervolgens ook naar een voorstelling gaan – als je dezelfde week al een politiek café hebt bezocht en nog een activiteit, vind je dat misschien wel genoeg.'

Alex: 'Podium van de Stad en het reguliere aanbod zijn geen gescheiden delen, maar hoe de twee op elkaar inwerken is onmeetbaar.'
placeholder


Cultureel Centrum Corrosia, voor theater, expo en film, komt voort uit het Centrum voor Beeldende Kunst Flevoland en theater De Roestbak. Directeur Ronald Venrooy betrekt de omgeving al sinds zijn aantreden in 2008 bij het theater, als integraal onderdeel. 'Club Corrosia draait om de actieve ontmoeting met Almeerders en samenwerking met andere partijen, zoals lokale ondernemers. Het is een doorlopend en meerledig kunstparticipatieprogramma voor inwoners van Almere. Samen met professionals maken ze, programmeren ze, promoten en leren ze, in bezoekersclubs voor film, theater of beeldende kunst, anders naar kunst te kijken. Zo maken wij hen partner, bondgenoot en ambassadeur van het kunstbedrijf.'

Wat maken zij?
Corrosia, net als de Deventer Schouwburg, benadrukt de kwaliteit streng te bewaken. Ronald: 'We geven niets uit handen, het gaat om méémaken. Op First Friday neemt een groep jongeren die we een jaar in dienst hebben het hele gebouw over. Wij leiden ze op, want programmeren is een vak. In de jaarlijks terugkerende buurtsoap 'De Wasserette' komen allerlei maatschappelijke thema's luchtig aan bod. Er is ruimte voor een buurtbewoner die iets kan en winkeliers kunnen in nagespeelde reclameblokken reclamezendtijd inkopen – hoewel hier eerder de kaasboer met blokjes kaas rondgaat. Het is elk jaar een enorm succes en dat is ook hartstikke leuk voor de zichtbaarheid. We organiseren ook Corrosia Square, op het marktplein voor het gebouw: een light-versie van wat er binnen gebeurt. Het heeft allemaal met binding te maken.'

Ronald: 'Mijn persoonlijke einddoel is al bereikt: we zijn geen witte plek meer op de Nederlandse kunstzinnige kaart. We doen op niveau mee en weten daar, bijna tegen ieders verwachting in, Almeerders bij te betrekken.'

Bij de Vaillant is artistieke kwaliteit geen selectiecriterium. Harrie: 'Het idee daarover is in Nederland nog te eenzijdig bepaald door mensen op de kunstvakopleidingen. Terwijl er voor bijvoorbeeld Indiaas dansen, wat heel groot en van hoog niveau is hier in Den Haag, niet eens een opleiding ís in Nederland. Wij vinden het belangrijk dat er vraag naar is uit de omgeving en dat mensen het vervolgens ook zelf kunnen doen, met wat hulp.'

Eigenaarschap, ook financieel
Dat laatste is ook voor de Deventer Schouwburg een voorwaarde. Alex: 'Organisaties moeten hun project grotendeels kunnen financieren – ik kan weinig bijleggen. Toen we hiermee begonnen, konden we mede dankzij Stichting DOEN en de Postcodeloterij geld geven aan makers om zelf te produceren. Dat was alleen niet duurzaam: als zij ermee ophielden, was het geld 'uitgewerkt'. Daarom zijn we na drie jaar, in fase twee, meer in de begeleiding gaan investeren en in de aansluiting bij het publiek en het huis. En nu proberen we nóg meer zakelijk eigenaarschap te realiseren.'

Op eigen benen staan de publieksactiviteiten voorlopig nog niet. Alex: 'Als we quitte spelen op dit niveau gaat de vlag al uit.' Dus worden de activiteiten in de reguliere begroting ondergebracht.

Ronald: 'Mijn doel is langzaam en gestaag, maar heel consequent, kunst en sociale ontmoeting te verknopen. Het draagvlak en de zichtbaarheid die we zo creëren, maken het makkelijker om financiers te interesseren.'

Nog los van Rijksbezuinigingen op de podiumkunsten laten ook gemeentelijke overheden het vaak afweten, melden de heren. Zowel De Vaillant, als de commerciëlere Deventer Schouwburg kampen met een enorm krappe begroting. Een paar jaar geleden vulden ze gaten met zaalverhuur. Alex: 'Nu zetten we voor bedrijven hele avonden in elkaar, inclusief het MeeMaken. Dat is ook een kant van Podium van de Stad.'

Geld dat er wel is, wordt anders besteed dan voorheen. Bijvoorbeeld aan een projectleider, in plaats van een programmeur.

Harrie: Voor het geld waarvoor een grote instelling de seizoensbrochure laat drukken en verspreiden, stellen wij iemand aan die met de mensen gaat práten.

Aanraders
Harrie: Een deel van onze kracht is onze aanpak: heldere communicatie, liefst in één zin of zelfs zonder woorden. En we maken van alles concepten, die als machientjes aan het werk gaan en door blijven lopen. We voelen het als onze plicht alles wat we leren te delen met anderen. Want we werken met overheidsgeld en daarbij: de cultuursector heeft zo'n enorme achterstand, die is nog zo wit.

Theaters die ook deze kant op willen, zou ik bovenal aanraden er meer tijd voor te nemen dan wij hadden: wissel expertise uit, ga eens achterover zitten en evalueer.'

Gevraagd of een theater er sowieso jaren voor moet uittrekken, nuanceert Alex; hij wijst erop dat zijn hele team in de afgelopen acht jaar is ververst. 'Medewerkers moesten van traditioneel receptief werk ineens over op gastheerschap en produceren, dat is een kunst apart. Maar het is heerlijk als je in de techniek werkt en ook zelf de hele week door projecten mag maken en meeproduceren.'

Ronald beaamt dat het personeel er blij mee is.

Alex: 'Het is een go along-proces, geen uitgestippeld pad met vaststaand einddoel.'

Harrie draagt zijn werkwijze actief uit en zet daar ook anderen toe aan. 'Professioneel aanbod dat past in deze omgeving is er nauwelijks, daarom vertel ik overal ons verhaal.' Hij zit in diverse besturen en werkt samen met het Zuiderstrandtheater en met CultuurSchakel. 'Daarmee hebben we de Haagse Cultuuracademie opgezet: twintig jonge (potentiële) professionals in de culturele sector, met een heel diverse achtergrond, gaan een netwerk vormen en gevraagd en ongevraagd adviseren.' En er komen instellingen op bezoek, ook omdat De Vaillant één van de acht Haagse Cultuurankers is.

Wat brengt de toekomst?
Harrie: 'De mengelmoes die je in deze wijk tegenkomt, zie je over tien jaar in elke grote stad. En daar past onze manier van werken bij, dus dit heeft de toekomst. Ik hoor mensen weleens zeggen: “Dat moet maar in het theater, in een museum hoort het niet.” Heel goed, want die discussie moet gevoerd. Kijk, wij hebben hier in onze omgeving het gelijk wel aan onze kant gekregen, maar op andere plekken is er nog veel te weinig. Het sijpelt al wel door: het Zuiderstrandtheater zoekt ook een projectleider in plaats van een programmeur.'

Allemaal melden ze stijgende bezoekersaantallen. Er is dus een markt voor MeeMaakPodia. Maar alledrie benadrukken ook dat het heel hard werken is.

Zijn kleine theaters hiervoor geschikter dan grote? Of andersom? Harrie: 'Je hebt het allebei nodig: de grote spelers en de wijktheaters. Wij zitten in de Schilderswijk, theater Dakota, een soort zusje, in een wijk op zeven kilometer afstand – bewoners daar gaan echt niet 's avonds nog helemaal hierheen en terug. Maar nu het Onderwijs- en Cultuurcomplex, het OCC, op het Spuiplein komt, en zich het grootste cultuuranker van de stad noemt, denk ik wel: dan moet je dat écht doen. Dus wij hebben aangeboden het openingsprogramma te verzorgen. Ik geloof echt wel dat alle partijen ervan zijn doordrongen dat zij er voor de stad zijn, hoor. En dat samenwerking nodig is.'

Ronald: 'Maar onze basisfinanciering door de gemeente is nog onvoldoende, terwijl de output voor de stad enorm is. Ik heb als prioriteit dat ik m'n personeel cao-conform kan betalen!

Ronald: 'Flyers en affiches verspreiden en nabellen wat de bezoekcijfers zijn komt niet in de buurt van het daadwerkelijk betrékken van je omgeving. In alle ons omringende landen is publiekswerk in het beleid geïncorporeerd.'

Harrie: 'Vrijwel alle kleine instellingen moeten het met weinig geld doen en dat is altijd incidenteel. Wat nu nodig is, is een structurele basis. Om er een integrale machine van te maken, aan de hand waarvan de prachtige mensen die hier werken en dingen maken – en die eigenlijk de eigenaar zijn – dat duurzaam kunnen doen. Dan zal het vleugels krijgen.' Daar zijn ze het roerend over eens.

Dit artikel heeft betrekking op de volgende regeling(en) van het Fonds voor Cultuurparticipatie website: MeeMaakPodia

Dit artikel is een portret uit de reeks verhalen die we delen binnen het programma: Cultuur maakt iedereen