donderdag 18 Januari 2018
dit is het online magazine van het Fonds voor Cultuurparticipatie. wil je een aanvraag doen, kijk dan op onze website

LiteraTour: Op weg naar de Buchmesse!

Klaar voor het schrijven en fietsen

Het is zondag 17 juli en schandalig vroeg als de wekker gaat in mijn studentenkamer in Groningen. Met de eerste trein naar zuidelijker oorden reis ik met medenoorderlingen en -schrijvers Lienne en Philip naar Maastricht, vanaf daar met de bus naar Aken en dan met de benenwagen naar het Ludwig Forum für Internationale Kunst, waar we opgewacht worden door de inmiddels al testritjes makende LiteraTourgroep. Twintig schrijvers en muzikanten uit België, Duitsland en Nederland maken de eerste voorzichtige rondjes op hun racefietsen op het pleintje bij het museum. We wisselen vrolijke begroetingen uit, want we hebben elkaar sinds onze kennismaking in Maastricht in mei niet meer gezien. Sommigen van ons delen angsten (voor de ongetrainde boekenwurm lijkt 100 kilometer per dag een bijna onmogelijke opgave…), maar gelukkig mogen we ons eerst op wat vertrouwder terrein begeven: na een heerlijke lunch zijn er muziek-, kalligrafie- en schrijfworkshops ingepland door onder andere dichter Tobias Kunze en kinderboekenschrijver Simon van der Geest. Ik schuif aan bij Tobias en wordt twee uur lang uitgedaagd met oefeningen in voordracht, tempo en freewriting.

Met al die nieuwe ideeën onder de arm worden we rond vijven het museum ingeroepen voor de officiële opening van de tour. De groep houdt zijn adem even in tot het startschot met een luide toeter klinkt, maar dan is het echt begonnen. Cultuuraddicts die we zijn, blijven we natuurlijk even in het museum ronddwalen, maar eigenlijk moeten we al aan de slag. De resultaten van onze workshop kunnen we opnemen in de SoundTruck, een mobiele studie in een vrachtwagen die de hele week met ons mee zal rijden. Na een kwartier een groepswerk opnemen in de bloedhete truck kunnen we snel een paar lepels linzensalade naar binnen scheppen voor het tijd is om – jawel, het is zover! – op de fiets te stappen voor een eerste proefrit. Naar het uiterst symbolische drielandenpunt is het een pittig eind omhoog – zeker als je nog niet goed weet hoe je versnellingen werken! Ik moet even de wanhoop bevechten die in mijn oor fluistert dat ik het nooit zal halen, dat ik morgen van vermoeidheid van mijn fiets zal vallen, dat ik voortijdig aan mijn einde zal komen op een racefiets en niet door de zo gewenste longontsteking-in-mijn-slaap-als-ik-vijfennegentig-ben. Maar dan is daar de top, en we halen hem allemaal. De terugweg naar het hostel leert ons meteen de eerste poëtische wijsheid van deze reis: Wat omhoog gaat, komt ook weer naar beneden. Gelukkig. Helaas testen we dit principe op een bosweg met grind en losse stenen.

placeholder

 

-Kiezelsteentje dat in het water valt-
bomen langs de rivier
plooien de deken van asfalt
geheel naar eigen zin

net als wat historie doet
met de deken van weten
die ons allen verblind

Alex Janse

Na die eerste dag verloopt onze fietstour voor mij als in een waas. Ik kan u één ding vertellen over fietsen: je tijdsbesef gaat binnen de kortste keren met je op de loop. Dat kan heel naar zijn, zoals op die eerste rit naar Bad Honnef, waar we verkeerd rijden, een paar kilometer grindweg over moeten (wat gaat die tijd dan ineens tergend traag…) en we dan bij aankomst om zes uur na bijna 120 kilometer zo compleet afgepeigerd zijn dat velen van ons het niet eens meer op kunnen brengen om iets te schrijven. Gelukkig zijn in Bad Honnef wel lekkere biertjes te krijgen, dat beurt ons fraaie fietsgezelschap wat op. Je merkt ook meteen dat zo’n fysieke beproeving (en het biertje daarna) verbroederend werkt. Je ziet de eerste hechte vriendschappen al ontstaan, en als de volgende dag iedereen weer fris naast zijn fiets staat voor de volgende 60 kilometer naar Koblenz merk je dat iedereen elkaar steunt. De tocht naar Koblenz gaat voorspoediger, we zijn inmiddels ook gewend aan de verschillende yells die we doen om elkaar de waarschuwen. Hier een korte handleiding:

GEGEN: tegenligger
AUTO (VON HINTERN): Auto (van achteren)
STUMPF: paaltje (het belangrijkste woord dat we tijdens deze tour hebben geleerd, want achter de zwoegende rug van een ander zie je vaak pas te laat het gevaar op de weg!)

Mocht u zich dus ooit nog op een racefiets wagen, dan heeft u met enige oefening deze basics zo onder de knie. Om de poëzie onder de knie krijgen, geeft onze dappere medefietser Dasja van School der Poëzie ons in Koblenz een workshop met gedichten van o.a. Mustafa Stitou en Paul Celan. Onderweg naar Koblenz zijn we ook al geïnspireerd door het gedicht “Style” van Bukowski, dat in het Duits en Engels werd voorgedragen bij zijn geboortehuis in Andernach. Tragisch genoeg huist in dat pand tegenwoordig een winkel met carnavalskleding. Met dat soort tegenstellingen kun je gelukkig goed aan de slag tijdens zo’n poëzieworkshop. ’s Avonds kunnen we wat we hebben geschreven direct testen op het podium in de benedenbar van Haus Metternich. Onze Duitse reisgenoten, die samen de groep Massentrend vormen, leveren een strakke performance en dragen hun prachtige nummer “Wir sind architekten” op aan onze grote held en herder Rick de Leeuw, die eenieder met al te zure benen altijd een duwtje in de rug wil geven. Naast Massentrend treden ook Nico Feiden, Lienne Boomsma, Alex Janse, Ricardo Frederiks en ikzelf op met een versgeschreven gedicht.

Tijdens die laatste grote rit van weer honderd kilometer, waar we ’s ochtend nog tegenop zagen, vliegt het asfalt onder ons voorbij. Geen stumpf die ons tegenhoudt, we fietsen over snelwegen waar we nog niet hadden durven dromen te fietsen en zien op iedere heuvel in elke bocht van de Rijn Eftelingkastelen staan. Met drieëndertig graden schijnt de zon op onze rug, maar wie hard fietst heeft de bries in zijn gezicht en merkt de hitte pas weer bij stilstand. Een snellere groep van vijf sprinters splitst zich af en fietst vooruit tot aan de pauze, maar aan het einde van de dag fietsen we toch met zijn allen Mainz binnen, luid zingend met de muziek van slimmerik Alex, die een speaker aan zijn tas heeft hangen. Mainz is de ideale stad om biertjes te drinken aan de Rijn, en in de nazinderende warmte van de hete dag begeven velen zich dan ook naar het centrum om daar tot laat in de nacht na te praten.

Jammer genoeg wacht de ochtend niet voor de arme zuurbenige jeugd. Gelukkig worden we de volgende veertig kilometer naar eindstation Frankfurt verfrist met een regenbuitje. Dat zorgt voor de prachtigste moddertekeningen op alle ruggen. Als we Frankfurt eenmaal binnenrijden zijn we een beetje verkleumd, maar sommigen onder ons moeten zelfs een traantje wegpinken van geluk/doorstane pijn. We moeten dansen in de gang van het hostel om warm te blijven, want we zijn te vroeg om in te checken en we moeten wachten om alle dertig in drie douches te kunnen. Binnen een uur staan we echter alweer geboend en geschrobd op straat en stevenen we op ons uiteindelijke doel af: de Frankfurter Buchmesse, waar ons eindproduct uiteindelijk zal worden gepresenteerd. We worden voorgelicht over de inhoud van de boekenbeurs en dan snel weer de metro ingelepeld om naar onze laatste workshop en SoundTruckopnames te gaan.

Als we moe maar voldaan gezamenlijk dineren in een lokaal eetcafé (met de Duitse specialiteit Spaghetti-ijs toe), kijken we terug op een geslaagd fysiek en literair avontuur, dat gelukkig nog niet helemaal afgelopen is: De volgende ochtend sluiten we af met een stadswandeling langs de street art van Frankfurt, en in oktober staan we natuurlijk op de Buchmesse! Ik kan niet wachten om te zien hoe we dan ook weer samen zullen werken, creëren en plezier maken. Als iedereen langzaam uiteen druppelt, naar treinen, nog even de stad in of om ergens wat te drinken, voel ik me een beetje verdrietig worden. Wat omhoog gaat, komt ook weer naar beneden. Gelukkig weet ik nu hoe ik met de minste moeite bergen op kan klimmen.

Er kijken drie meisjes op als de muziek stopt
Een jongen rookt zijn longen vol, stapt op de fiets en rijdt
alle anderen voorbij. Een man belt
Een meisje neemt aan de overkant van de straat haar telefoon op
Aan de andere kant van de lijn zijn we
Driehonderd kilometer verder, daar ligt haar oma
in de handen van iemand anders
We denken: soms is het beter iemand niet bij de naam te kennen; iets niet te weten
We delen vandaag schuld noch verantwoordelijkheid uit
De gebruikelijke combodeal is tijdelijk niet verkrijgbaar.
Er zit een mug in de kamer, we weten het zeker
We horen hem niet en kunnen toch
Niet slapen. 's Ochtends worden we wakker, tellen de bulten
Iedere heuvel die we overgaan doet ons denken aan
Huizen bouwen op onze rug, de steigers, de grondvesten,
Dat de aarde niet wegzakt bij heftige regenval.

Esmé van den Boom

Dit artikel heeft betrekking op de volgende regeling(en) van het Fonds voor Cultuurparticipatie website: Jonge Kunst

Dit artikel is een portret uit de reeks verhalen die we delen binnen het programma: Cultuur maakt iedereen