vrijdag 20 Juli 2018
dit is het online magazine van het Fonds voor Cultuurparticipatie. wil je een aanvraag doen, kijk dan op onze website

Kunstdocenten steeds vaker noodgedwongen zelfstandig

kunstdocenten

Door bezuinigingen op cultuur moeten veel centra voor de kunsten inkrimpen. Dat heeft direct gevolgen voor kunstdocenten. Een deel van hen kan aan de slag in het reguliere onderwijs. Veel anderen storten zich, met vallen en opstaan in het avontuur dat zelfstandigheid heet. Het LKCA bevroeg 170 kunstdocenten en artistiek begeleiders over hun beroepspraktijk.

Arjen van El is saxofoondocent. Omdat hij niet verder wilde in ‘de dwang van een slechte cao met klokuren en niet-lesgebonden uren’ nam hij ontslag bij het centrum voor de kunsten en begon hij zijn eigen saxofoonschool. Samen met onderwijskundige Iris van de Kamp richtte hij Muziekhuis Deventer op, een plek waar zelfstandige muziekdocenten ruimte kunnen huren om les te geven en om zich gezamenlijk te presenteren.

Quinten Smith is beeldend kunstenaar en projectleider bij de Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam. Simone den Haan werkte vijf jaar als projectcoördinator Onderwijs en Wijken bij SKVR. Samen kwamen ze tot de conclusie dat het bieden van maatwerk vanuit het centrum voor de kunsten moeilijk en duur is. Als zelfstandigen richtten ze De Cultuurschool op en kunnen ze hun ambities voor het leveren van maatwerk wel waarmaken.

Ondernemersvaardigheden
Muziekhuis Deventer en De Cultuurschool zijn initiatieven van docenten die ervoor kiezen zelfstandig te gaan werken. Veel kunstdocenten en artistiek begeleiders maken noodgedwongen die keuze, zo blijkt uit het LKCA-onderzoek. Nadat ze ontslag hebben gekregen, kunnen ze vaak niet anders. Opgeleid als muziek- of dramadocent veranderen ze niet zomaar van baan. Ze willen blijven doen waar ze voor zijn opgeleid. En waar ze goed in zijn. Ze beginnen vol goede moed, maar lopen gaandeweg tegen problemen aan. Want de overstap naar zelfstandigheid vraagt ook andere vaardigheden: klanten ergens vandaan halen, onderscheidend zijn, want overal loert concurrentie. En dan moeten ze er ook nog een inkomen aan over zien te houden.

Niet iedere kunstdocent heeft die vaardigheden van nature. De ondervraagde docenten en artistiek begeleiders zeggen vooral behoefte te hebben aan ondersteuning en nascholing in klantwerving en promotie en ‘jezelf presenteren’. Maar dat betekent wel dat je als zelfstandige moet investeren, misschien zelfs voor er sprake is van enige verdiensten. Soms is het mogelijk om door aansluiting te zoeken bij of oprichting van een collectief, een deel van dergelijke ondernemerstaken uit te besteden of centraal te laten regelen. Zoals bij Muziekhuis Deventer. Contact met en advies van andere zzp’ers kan helpen om zelf een winstgevend zelfstandig bestaan op te bouwen.

Netwerk
Samenwerking kan ook verder gaan. Steeds vaker zie je ondernemers samen optrekken om zo kosten te drukken. Ruimtes delen, apparatuur gezamenlijk aanschaffen, het zijn voorbeelden van het bundelen van ondernemerskrachten. Waar nog niet zo heel lang geleden ondernemers elk vanaf hun eigen eilandje de concurrentie angstvallig in de gaten hielden, trekken ze nu samen op, omdat ze zo bijvoorbeeld makkelijker zichtbaar worden.

‘60 procent van je tijdsinvestering is acquisitie’

Niet alleen contacten met collega cultureel ondernemers zijn zinvol. Voor het vinden van klanten of opdrachtgevers is een groot netwerk ook aan te bevelen. ‘60 procent van je tijdsinvestering is acquisitie’, zegt Den Haan van De Cultuurschool. Daarom houdt ze social media, Facebook, Twitter, LinkedIn en WhatsApp goed bij. Dat vergt flexibiliteit en creativiteit. Zelfstandig cultureel ondernemer zijn is geen nine-to-five-job. Het vraagt om voortdurend keuzes maken, over je aanbod, over de markt die je wilt bedienen, maar ook over partners die je kunnen helpen je doelen te bereiken.

Markt en beleid
Vooral veel kunstdocenten die min of meer noodgedwongen voor zichzelf zijn begonnen, keren het liefst zo snel mogelijk terug in een vast dienstverband. Dat verlost ze van veel beslommeringen en geeft ze weer de ruimte om te doen waar hun hart ligt: lesgeven in hun eigen discipline. Maar het perspectief op zo’n dienstverband is niet erg groot. Daarom pleit de culturele sector in toenemende mate voor meer aandacht voor ondernemersvaardigheden, om te beginnen in de kunstvakopleidingen.

Ondernemerschap is echter niet alleen een kwestie van individuele vaardigheden, er moeten ook gunstige condities voor zijn. Zelfstandige initiatieven hebben nog steeds last van het stelsel waarin alles gesubsidieerd werd. ‘Scholen weten niet meer wat iemand kost’, zegt Smith van De Cultuurschool. Gemeenten moeten niet alleen kijken naar de kosten maar ook of er kwaliteit geleverd wordt. En dan klinkt in politiek Den Haag ook nog de roep om inperking van bijvoorbeeld belastingvoordeel voor zzp’ers. Kunstdocenten en artistiek begeleiders hebben al een relatief laag inkomen voor een bovengemiddeld hoog opgeleide beroepsgroep, zo blijkt uit het LKCA-onderzoek. Dat alles bij elkaar maakt de stap naar zelfstandigheid tot een keuze voor een allesbehalve zekere toekomst. Onderzoekers van LKCA blijven Muziekhuis Deventer, De Cultuurschool en andere zelfstandige initiatieven volgen en daarover schrijven.

 

Hoe ziet de huidige beroepspraktijk voor buitenschoolse kunstdocenten en artistiek begeleiders eruit? Welke opleidingen hebben ze genoten? Werken ze in loondienst of zelfstandig? Wat verdienen ze eigenlijk? In juni 2014 hield het LKCA een proefenquête onder 170 buitenschoolse kunstdocenten en artistiek begeleiders. Deze enquête wordt in 2016 op grotere schaal herhaald. De resultaten van de eerste enquête zijn uitgebreider beschreven in Zicht op actieve cultuurparticipatie 2014, een gezamenlijke publicatie van LKCA en het Fonds voor Cultuurparticipatie. Daarin ook artikelen over andere trends en vraagstukken in de actieve cultuurparticipatie, zoals motieven om aan amateurkunst te doen, deelname van ouderen en de rol van provincies in actieve cultuurparticipatie.
Bestel Zicht op actieve cultuurparticipatie 2014

Dit artikel is een portret uit de reeks verhalen die we delen binnen het programma: Cultuur maakt iedereen