maandag 11 December 2017
dit is het online magazine van het Fonds voor Cultuurparticipatie. wil je een aanvraag doen, kijk dan op onze website

Jaarbericht Cultuureducatie met Kwaliteit

Cultuureducatie met Kwaliteit jaarbericht

Cultuur verrijkt het onderwijs en verdient een vaste plek in het curriculum van elke basisschool. Daarom zet het Fonds zich met het programma Cultuureducatie met Kwaliteit in om de kwaliteit van cultuureducatie in het primair onderwijs te verbeteren. De uitvoering van het programma is in het schooljaar 2013-2014 van start gegaan. Met dit jaarbericht geven we een overzicht van de tot nu toe verrichte activiteiten en kijken we vooruit naar 2015.

Het Fonds voor Cultuurparticipatie ondersteunt in de periode 2013-2016 54 programma’s, verspreid over het hele land bij de verbetering en borging van cultuureducatie in het primair onderwijs. Basisscholen en culturele instellingen werken hier de komende jaren samen aan. Met de 54 programma’s worden op dit moment ca. 2500 scholen bereikt. Dit aantal loopt op tot ruim 4000 scholen in 2016. Daarnaast ontwikkelt het Fonds flankerend beleid om de landelijke aanpak te ondersteunen.

Cultuureducatie met Kwaliteit zet onder andere in op doorlopende leerlijnen en professionalisering van leerkrachten. Hierbij is een belangrijke rol weggelegd voor de scholen. Zij bepalen waar zij behoefte aan hebben en gaan in gesprek met culturele instellingen in de omgeving om hier vorm aan te geven. Dit gebeurt bijvoorbeeld tijdens schoolscans waarbij door KCR (Kenniscentrum Cultuureducatie Rotterdam) samen met de school in kaart wordt gebracht wat op het gebied van cultuuronderwijs de stand van zaken is en waar de kansen liggen. Maar ook op online platforms zoals de co-creatie werkplaats van SIEN/Cultuurpad Limburg of de Culturij, de digitale werkplaats van Artiance, waar een creatief proces tussen leerkracht en cultuuraanbieder resulteert in aanbod gekoppeld aan de vraag van de school.

Cultuureducatie met Kwaliteit helpt scholen om meer lijn en structuur te brengen in het cultuuronderwijs: voortbouwen op opgedane kennis, kijken hoe kunst en cultuur te integreren is in andere vakken, maar vooral aansluiten op de ontwikkeling van het kind. Culturele instellingen en scholen werken samen aan de invulling van deze leerlijnen. Zo werken de scholen in Brabant met de door vijf Brabantse bureaus bedachte Culturele Ladekast. Per kunstdiscipline vullen scholen lades met culturele activiteiten die inhaken op de leerdoelen per leerjaar. In Amsterdam is gekozen voor muziek als prioriteit als het gaat om kunst- en cultuureducatie. Daar wordt hard gewerkt aan de ontwikkeling van raamleerplannen om scholen te helpen bij de inrichting van hun cultuuronderwijs.

Goed cultuuronderwijs begint bij de leerkracht. Daarom is deskundigheidsbevordering een belangrijk onderdeel van de regeling Cultuureducatie met Kwaliteit. In Friesland kunnen docenten terecht bij Keunstwurk om zich te laten inspireren. Ze gaan terug naar de basis: zelf zingen, tekenen, toneelspelen en speuren naar erfgoed. ‘Ik schreef me in voor de cursus Speuren nei Spoaren, omdat ik geen idee had wat ik op mijn school met erfgoed kon doen. We gingen met onze cursusgroep meteen op pad om erfgoed in onze eigen omgeving te ontdekken. Dat vond ik een hele leuke insteek’, zegt Hennie Cnossen, leerkracht van groep 5 op basisschool De Bernebrêge in Surhuisterveen.’ (Lees meer over de inspiratieprojecten in Friesland in het december nummer van Kunstzone.) In de provincie Utrecht kozen 28 scholen ervoor de focus te leggen op de talenten die aanwezig zijn bij de leerkrachten. Onder de noemer Scholen in Talenten gaan ze onder leiding van Kunst Centraal op zoek naar het talent in het team, om dit verder te ontwikkelen. De eerste stap in het traject is een workshopserie. In onderstaand filmpje wordt de workshopserie dans in beeld gebracht.

Ook wordt er binnen Cultuureducatie met Kwaliteit gewerkt aan het ontwikkelen van manieren om de leerprestaties van kinderen op het gebied van cultuureducatie te volgen en te beoordelen. Een complex vraagstuk. Daarom zijn het Fonds en het LKCA (landelijk kennisinstituut cultuureducatie en cultuurparticipatie) een cursus en casustraject gestart over beoordelen en beoordelingsinstrumenten. Het casustraject had een mooie start met de presentaties van Kim Harsta van Cultuurmij Oost en Claudia de Graauw voor Kunstbalie / de cultuurloper.

Flankerend beleid
Naast de ondersteuning van 54 regionale en lokale programma’s ontwikkelt het Fonds flankerend beleid. Hiermee speelt het Fonds in op actuele behoeftes en vragen. Zo is er veel aandacht voor kennisuitwisseling tijdens bijeenkomsten en via bijvoorbeeld de nieuwsbrief. Ook is er een regeling voor flankerende projecten. Voor deze regeling wordt elk jaar opnieuw bekeken wat de actuele behoeftes zijn. Het gaat om grootschalige projecten die extra inzetten op aandachtgebieden die binnen de 54 programma’s minder naar voren komen.

In 2013 zijn 7 flankerende projecten ondersteund voor een totaalbedrag van 1.039.021 euro. In dit eerste jaar waren er 6 doelen waarvoor men een aanvraag in kon dienen. Dit leverde een diversiteit aan projecten op. Denk bijvoorbeeld aan het verbeteren van de afstemming tussen de vakleerkracht en de groepsleerkracht in de muziekles of de ontwikkeling van digitale erfgoedtools voor in de klas.

Binnen de 54 programma’s is veel aandacht voor de deskundigheid van de mensen die in de klas staan. Maar dat kan beter. Het Fonds voor Cultuurparticipatie honoreerde daarom in 2014 16 flankerende projecten die hieraan bijdragen voor een totaalbedrag van € 1.706.475. Negen projecten richten zich primair op de deskundigheidsbevordering van leerkrachten. Zo krijgen leerkrachten van 22 basisscholen in Groningen trainingen op het gebied van muziekonderwijs. Er wordt een leerkrachtenkoor opgericht en er komen cursussen voor liedbegeleiding op de gitaar. Ook zijn er 7 projecten ondersteund die zich juist richten op de deskundigheid van educatief medewerkers. Zoals bij Klasse Theater, waar vijf jeugpodiumgezelschappen samen werken om hun educatief en artistiek medewerkers de stap te laten zetten van kennis van het product, naar kennis van de gebruiker (het onderwijs).

 

Cultuureducatie met Kwaliteit in cijfers
“Cultuuronderwijs daagt leerlingen uit om een creatieve, onderzoekende houding te ontwikkelen. Die heb je nodig in deze tijd, waarin het steeds belangrijker wordt dat je kennis kunt combineren, kunt samenwerken en oplossingen voor nieuwe problemen kunt vinden.” aldus Minister Bussemaker. Lees het hele interview met Minister Bussemaker op ons magazine.

Landelijke aanpak

De activiteiten van het Fonds voor Cultuurparticipatie zijn onderdeel van een landelijke aanpak van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap met als doel de kwaliteit van cultuureducatie in het primair onderwijs te borgen. Cultuuronderwijs is een belangrijk speerpunt in het beleid van Minister Bussemaker. Het SLO heeft in opdracht van het ministerie een leerplankader kunstzinnige oriëntatie ontwikkelt, er zijn aangescherpte subsidievoorwaarden cultuureducatie geformuleerd voor BIS-instellingen en in 2015 maakt de onderwijsinspectie een rapportage over cultuureducatie in het primair onderwijs. Een andere belangrijke partner in deze landelijke aanpak is het LKCA. Het Fonds werkt nauw samen met het LKCA om de kennis en ervaring die binnen het programma wordt opgedaan te delen met het veld. Het LKCA is ook een belangrijke partner in het monitoren en evalueren van alle activiteiten.

Monitoren en evalueren

Twee keer per jaar voert het Fonds voortgangsgesprekken met alle 54 penvoerders en organiseren we een grote uitwisselingsbijeenkomsten. Er is een klankbordgroep opgericht bestaande uit vertegenwoordigers van culturele instellingen, scholen, gemeenten en provincies, primair onderwijs en politiek om de ontwikkelingen in het programma te toetsen aan de wensen van het veld. Op dit moment wordt de regeling tussentijds geëvalueerd door een onafhankelijke evaluatiecommissie. In april 2015 komt deze commissie met een rapport waarin antwoord wordt gegeven op de vraag of en in welke mate de regeling tot nu toe heeft bijgedragen aan de doelstellingen van het programma. Met de verkregen inzichten zullen, waar nodig, tussentijds de activiteiten worden aangescherpt zoals die voor de periode 2015–2016 gepland staan.

Waar staan we nu?

Op 54 plekken in Nederland is voortvarend begonnen met activiteiten gericht op de vraag van de scholen. Duidelijk wordt dat op de scholen en de culturele instellingen echt iets aan het veranderen is als het gaat om de plek van cultuureducatie in het curriculum. Zo is er op basisschool CNS in Staphorst waar muziek er vaak bij in schoot, dankzij een praktische training van kunstencentrum Scala, weer in 12 groepen muziekles. Ook het muziekcorps is aangehaakt en oefent op de school. Leerkrachten vertellen dat zij na de training van Scala graag aan de slag wilden. Waar in het verleden andere vakken vaak als belangrijker werden ervaren en er toch wel enige schroom was, kregen de docenten nu de ervaring dat het niet moeilijk is om muziekles te geven, iets wat zij al tien naar lang niet meer deden. Ook de relatie tussen de instellingen die deelnemen aan het programma onderling, de instellingen en het Fonds en het Fonds en de gemeenten en provincies en het LKCA is stevig. Er is regelmatig contact, waarin kennis en ervaringen worden gedeeld, bijvoorbeeld op de halfjaarlijkse conferenties die het Fonds organiseert en die goed worden bezocht door zowel de deelnemers aan het programma als andere geïnteresseerden.

Er zijn echter ook enkele aandachtspunten. Veel van de deelnemende instellingen hebben in het eerste jaar ervaren dat het veel tijd kost om de samenwerking met de scholen op gang te krijgen. Het vergt de nodige voorbereiding om daadwerkelijk met basisscholen gezamenlijk leerlijnen te ontwikkelen of leerkrachten tijdig vrij te roosteren voor deelname aan scholing of netwerkbijeenkomsten. Er moest vaak eerst tijd geïnvesteerd worden in draagvlak om scholen bij het programma te betrekken. Er is kortom tijd nodig om te investeren in de relatie tussen de scholen en de instellingen en om het onderwijs te begeleiden bij het formuleren van een heldere vraag. Het Fonds zet in het komende jaar samen met het LKCA in op het zichtbaar maken van de resultaten van het programma, zodat kennis en ervaringen breder gedeeld worden.

De toekomst

Het aantal scholen en het aantal kinderen dat deelneemt aan het programma neemt jaarlijks toe. Door goede resultaten op de deelnemende scholen zichtbaar te maken wordt het ook voor nieuwe scholen aantrekkelijk om deel te nemen en zich op die manier te profileren met cultuureducatie. Uiteindelijk zal dit ertoe leiden dat een groeiend deel van de basisscholen invulling geeft aan het vak kunstzinnige oriëntatie vanuit een visie op de ontwikkeling van de leerling en hierbij gericht ondersteuning zoekt bij het culturele veld. Dit maakt het voor het culturele veld mogelijk hun aanbod zodanig aan te passen dat het goed aansluit bij de wensen van de scholen. Dit proces heeft tijd nodig.

Het is belangrijk dat alle betrokken partijen, ook de overheden, blijven investeren in cultuuronderwijs. Lokaal en regionaal zullen daarom goede afspraken gemaakt moeten worden over de langere termijn. Het bestuurlijk kader dat in december 2013 getekend werd door gemeenten, provincies, rijk en PO-Raad is hiervoor een belangrijke basis. Ook de brief die Minister Bussemaker in oktober aan de kamer stuurde is in dit kader belangrijk. In deze brief geeft de Minister aan de activiteiten van Cultuureducatie met Kwaliteit te willen versnellen door een speciale inspanning voor muziek. De minister reserveert voor de periode 2015-2020 in totaal 25 miljoen euro voor een regeling van het Fonds die gericht is op het versterken van kennis en deskundigheid van mensen die voor de klas staan. Bedoeling is dat scholen samen met één of meerdere partijen uit het muziekveld aanvragen gaan doen. Het fonds is voor de uitwerking van deze regeling momenteel in gesprek met vertegenwoordigers van zowel onderwijs als cultuur. De brief biedt daarnaast ook duidelijke aanknopingspunten om het programma Cultuureducatie met Kwaliteit in ieder geval tot 2020 voort te zetten. Wat dit precies gaat betekenen voor de (deelnemers aan de) Matchingsregeling Cultuureducatie met Kwaliteit wordt in samenhang met de tussentijdse evaluatie van dit voorjaar eveneens later in het jaar duidelijk.

Foto bovenaan artikel: Leeuwenkuil Kunstencentrum Deventer Fotograaf Robin Prijs

Dit artikel heeft betrekking op de volgende regeling(en) van het Fonds voor Cultuurparticipatie website: Cultuureducatie met Kwaliteit 2013-2016

Dit artikel is een portret uit de reeks verhalen die we delen binnen het programma: Cultuur maakt iedereen