donderdag 18 Januari 2018
dit is het online magazine van het Fonds voor Cultuurparticipatie. wil je een aanvraag doen, kijk dan op onze website

Inspirerend Flankerend I: Van Rondleiden naar Begeleiden

Maquette in Flipje- en Streekmuseum

Voor goed cultuuronderwijs heb je natuurlijk goede onderwijzers nodig. Daarom investeert het Fonds voor Cultuurparticipatie niet alleen in de culturele projecten zelf maar hechten wij ook veel waarde aan het bevorderen van de deskundigheid van de mensen die voor de klas staan. In het kader van deze stimulering maakt het Fonds elk jaar een bedrag vrij voor deze zogenaamde Flankerende projecten. Wat je je moet voorstellen bij dit soort projecten? Kijk mee naar een aantal interessante voorbeelden die vorig jaar gesteund zijn door het Fonds. Met als eerste een interview over:

Van rondleiden naar begeleiden, schoolgroepen in het museum (Gelderland)

Vanzelfsprekend zijn het niet alleen leerkrachten die van belang zijn voor sterk cultuuronderwijs. Een groot deel van cultuureducatie draait om de beleving van de kinderen en duizenden leerlingen brengen jaarlijks een bezoek aan een culturele locatie in het kader van cultuuronderwijs in het basisonderwijs. Ze zijn door hun leerkracht voorbereid maar zullen vooral ter plekke een bijzondere ervaring meemaken. Om te zorgen dat dit goed gebeurt is het van groot belang dat de medewerkers van culturele locaties goed opgeleid zijn en op de juiste wijze hun informatie kunnen overbrengen. Deze cursus van Gelders Erfgoed en CultuurCollege helpt medewerkers van culturele instellingen om hun deskundigheid en didactische vaardigheden aan te scherpen en zo de kwaliteit van het cultuuronderwijs te verbeteren en het partnerschap tussen scholen en cultuuraanbieders te versterken.

Jolijn Rietbergen, Erfgoedcoach bij het Flipje- en Streekmuseum en het Regionaal Archief Rivierenland in Tiel kan hier alles over vertellen. Zij volgde met een groep collega's de cursus ‘Van rondleiden naar begeleiden, schoolgroepen in het museum’ en heeft daar veel van opgestoken.

Wat is de grootste waarde die kinderen uit een bezoek moeten halen?
Los van of ze er iets van opsteken (dat is wel de bedoeling natuurlijk), vind ik het belangrijk dat leerlingen in aanraking komen met authentieke voorwerpen en verhalen. Daarbij gaan leerlingen zelf op onderzoek uit en zijn ze actief betrokken.

Wat is jou het meest bijgebleven van de cursus?
Ik vond het interessant om de educatieve projecten van verschillende musea te zien en er kritisch naar te kijken. Er was veel herkenbaar. Daarnaast wilde ik graag meer weten over de verschillende leeftijden van leerlingen, en vooral wat leerlingen op een bepaalde leeftijd wel of niet (willen) doen.

Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen de oude manier van rondleiden en de nieuwe?
Wat voor mij heel belangrijk is, is dat leerlingen/bezoekers zelf actief aan de slag gaan, in plaats van alleen maar te luisteren. Daarnaast vind ik het belangrijk dat er voldoende afwisseling zit in de activiteiten. Verhalen kunnen superspannend zijn, en je kunt het als rondleider zeker gebruiken. Maar niet anderhalf uur achter elkaar.

Kan je iets vertellen over een bezoekles bij je eigen werk?
Ik werk zowel voor het Flipje- en Streekmuseum als het Regionaal Archief Rivierenland. Bij een nieuwe bezoekles die we hebben gemaakt voor het archief, Oorlogscodes, gaan leerlingen zelf aan de slag met bronnen uit de WOII. Ieder groepje heeft een ander onderwerp dat te maken heeft met de oorlog in Tiel en omgeving. De opdrachten leiden tot verschillende codes, en uiteindelijk naar een uniek object in het depot. Als alle codes kloppen, mogen de leerlingen het depot in, op zoek naar hun object… In het depot presenteren ze hun object, aan de hand van de eerder gemaakte opdrachten, aan de rest van de groep.

Voor het museum hebben we een nieuwe les gemaakt over Arm en Rijk. De industrie in Tiel bloeide door de aanwezigheid van de rivieren, de arbeidersklasse nam toe. Leerlingen gaan door de binnenstad speuren naar het leven voor kinderen van fabrieksarbeiders én de kinderen van de fabrieksbaas. In het museum denken de leerlingen na over arm en rijk en over de waarde van museumstukken. Is de poepton minder waard dan de porseleinen pop? En waarom bewaren we die allebei?

Zou je tenslotte een aantal do's en don'ts kunnen noemen voor rondleiders?

Do
- blijf dichtbij jezelf, gebruik jouw talent om leerlingen mee te nemen in je verhaal/opdracht
- betekenisvolle vragen stellen (vragen waar meerdere antwoorden op mogelijk zijn)
- leerlingen uitdagen door tegenvragen te stellen (zonder zelf het antwoord te geven)
- ingaan op vragen van leerlingen die te maken hebben met het onderwerp

Don't
- 'de pedagogische echo': zelf het antwoord van de leerling herhalen
- alles willen vertellen over een onderwerp, of per se het héle museum willen laten zien

Dit artikel heeft betrekking op de volgende regeling(en) van het Fonds voor Cultuurparticipatie website: Cultuureducatie met Kwaliteit 2013-2016

Dit artikel is een portret uit de reeks verhalen die we delen binnen het programma: Cultuur maakt iedereen