zaterdag 21 April 2018
dit is het online magazine van het Fonds voor Cultuurparticipatie. wil je een aanvraag doen, kijk dan op onze website

Helden en talenten: Jetse Batelaan & Lobke van Kommer

In gesprek over Kunstbende

In de reeks Talenten en hun Helden laten we telkens een jong talent uit een talentontwikkelingsprogramma in gesprek gaan met iemand die ooit meedeed aan datzelfde programma en intussen bekend is geworden. In theater De Kom in Nieuwegein geeft de succesvolle theaterregisseur Jetse Batelaan, die zelf ooit begon bij Kunstbende, advies aan de landelijke Kunstbendewinnares 2015, Lobke van Kommer.

Underdogs
Jetse Batelaan deed als scholier altijd enthousiast mee aan het schooltoneel, onder leiding van een bevlogen theaterdocent. Zijn liefhebberij nam een vlucht toen hij, met een min of meer toevallig samengesteld groepje, besloot om mee te doen aan de Kunstbende 1998, in de categorie theater.

Jetse: 'Dat was voor mij een heel belangrijk moment. We wonnen de voorrondes van Flevoland en kregen toen een workshop aangeboden in Amsterdam. We sliepen in een hotel, het gaf een soort Olympische Spelengevoel. In Almere was destijds geen cultuur, wij werden standaard uitgelachen. Daar in Amsterdam ging er een wereld voor me open. We werden uiteindelijk tweede in de landelijke finale. Dat was helemaal een glamour-moment voor ons als underdogs.'

Cruciale hulp
Jetse: 'Ons groepje bleef bij elkaar. We hebben toen subsidie aangevraagd voor een grote locatievoorstelling en hadden het geluk dat er een wakkere ambtenaar was, die daar een oplossing in zag voor twee problemen waarmee Almere destijds kampte: cultuur en jongeren. De Rotary sprong ook bij. Vrienden verzorgden de catering, iedereen deed mee. Er bleek van alles te kunnen: een aannemersbedrijf hielp om een berg zand te verplaatsen en we mochten repeteren in het natuurcentrum in Almere. We gingen door roeien en ruiten. We schreven een goed plan, richtten zelf een stichting op. Mét cruciale hulp.'
Meer mensen uit het groepje bleven actief in het theater; met één van hen werkt Jetse nog vaak samen.

placeholder

 

 

Jetse Batelaan (1978) volgde de regieopleiding van de AHK Theaterschool en is sinds 2013 artistiek leider van toneelgezelschap Artemis. Hij regisseerde al veel prijswinnende stukken, waaronder diverse kindervoorstellingen. Zo won zijn Voorstelling waarin hopelijk niets gebeurt, uit 2006, de Gouden Krekel en werd Jetse in 2015 de vierjaarlijkse Theaterprijs van het Prins Bernhard Cultuurfonds Noord-Brabant toegekend.

Bij Lobke van Kommer speelde totdat ze Kunstbende won vooral school een grote rol in haar talentontwikkeling.
Lobke: 'Ik begon op mijn tiende met toneellessen bij het UCK, in Utrecht. Later ben ik naar het Oosterlicht college gegaan speciaal vanwege de aandacht voor kunst daar. Mijn moeder is beeldend kunstenares en neemt me vaak mee naar voorstellingen. Ik heb drama als eindexamenvak. Maar ik had nog nooit alleen op het podium gestaan tot ik me opgaf voor Kunstbende.'
Jetse: 'Ik was al iets ouder, ik studeerde al politicologie toen wij in de finale van Kunstbende kwamen. Het vertrouwen dat je krijgt als je op landelijk niveau mag meedoen, doet echt iets met je. Jurylid Howard Komproe adviseerde me te stoppen met mijn studie en voor het theater te kiezen. En Theo Ham en Els van der Jagt, toch gerenommeerde namen, werden enthousiast van wat wij in die workshop in Amsterdam deden.'
Lobke: 'Na de finale wilden ze eigenlijk dat ik mijn winnende stukje op Oerol zou spelen, maar ik wilde graag iets anders proberen. Daarom heb ik nu een coach gekregen, cabaretier Vincent Geers, die me daarbij helpt. Heb jij vaak op Oerol gestaan?'
Jetse: 'Ik heb daar tussen 2004 en 2011 drie eigen voorstellingen gemaakt. Tussendoor begeleidde ik veel jonge makers in Atelier Oerol. Het publiek is er heel gul, dus geniet ervan. En ga veel zien!'
Lobke: 'Ga ik doen. Ik zit ook in het Kunstbendecollectief. Dat zijn mensen die nog meer met Kunstbende bezig willen zijn. We hebben uitwisselingen met België: we zijn naar het Villanova Festival geweest en hebben een gezamenlijke voorstelling gemaakt onder leiding van Julie Cafmeyer en Eva Line de Boer.'
Jetse: 'Grappig, Julie heb ik ook begeleid.'
Lobke: 'Het prijzenpakket is trouwens nog veel groter. Behalve een act op Oerol kreeg ik ook een shoot bij Kemna casting en een driedaagse cameraworkshop. Ik mag ook twee dagen naar een workshop bij Toneelgroep Amsterdam en kreeg een plek voor de theatertalentweek van Buitenkunst en een abonnement op het tijdschrift Theatermaker.'
Jetse: 'Wij deden destijds ook een soort schnabbels voor Kunstbende. We zijn als fanfare zonder muziekinstrumenten door het winkelcentrum van Culemborg gegaan. Ik heb me later ook erg opgetrokken aan medescholieren, trouwens: Lotte van den Berg, Boukje Schweigman en Elien van den Hoek. Heel inspirerend.'

placeholder

 

 

Lobke van Kommer (1998) won de landelijke finale van Kunstbende 2015 in de categorie theater. In juni speelt ze op het Oerol festival, één van de prijzen die ze met Kunstbende won. Ze zit in vijf atheneum en is al vanaf de eerste klas actief op het toneel. Bekijk hier haar winnende optreden.

 

Richting kiezen
Jetse: 'Wil jij de cabaret-kant op? Of wat vind jij fantastisch?'
Lobke: 'Ik wil geen standaard cabaret maken. Wel veel tekst gebruiken, maar niet alleen “verhaaltjes vertellen”. Bij Tweetakt zag ik de voorstelling O O O. Die ging over niks, net als mijn Oerol-stukje.'
Jetse: 'Ik maakte ooit de Voorstelling waarin hopelijk niks gebeurt. Zoek die maar op ter inspiratie.'

Lobke: 'Uiteindelijk wil ik graag maken én spelen.'
Jetse: 'Het is allebei leuk. Je bedenkt niet echt dat je regisseur wilt worden, maar voor onze Kunstbendevoorstelling verzon ik al best veel en had ik ook al eigenwijze ideeën over hoe de anderen dingen moesten doen. Ik was als puber heel principieel. Ik had een hekel aan mooie mensen en aan serieus toneelspelen. Dus de toneelschool was in mijn ogen een horrorplek. Maar na onze eerste grote gesubsidieerde voorstelling zei iemand: “Wat jullie doen lijkt wel mime.” Ik wist niet eens dat dat bestond. Dat was zo'n ontdekking.'
Lobke: 'Wij hadden eens met school een mime-week op de HKU, maar ik ben er niet zo goed in.'
Jetse: 'Sommige van mijn helden, zoals René van 't Hoff, bleken de mimeopleiding te hebben gevolgd. Maar ik werd ervoor afgewezen. Toen heb ik een jaar de opleiding voor theaterdocent gevolgd en daarna ben ik naar de regieopleiding gegaan.'
Lobke: 'Ik hoop dat ik in Maastricht word aangenomen, voor de performersopleiding: maken én spelen. Maken is mijn sterkste kant. In Utrecht moet je eerst de docentopleiding volgen als je maker wilt worden.'
Jetse: 'Goeie keus, lijkt me. Ik heb te allen tijde een educatief oogmerk, maar wel op een onorthodoxe manier. Mijn werk is vrij chaotisch en breekt met alles. Dat vind ik zeker voor onze vrij beschermde kinderen belangrijk. Zo'n 'paniekervaring' geeft een kick, bovendien merk je dat verdwalen niet erg hoeft te zijn. Dat je dan nieuwe dingen kunt vinden. Ik geef veel les, op verschillende opleidingen. En ik begeleid jonge makers die op een academie zitten of net klaar zijn. Artemis heeft met andere kunstinstellingen in Brabant een netwerk opgericht om jonge talentvolle afgestudeerden onder onze hoede te nemen.'

Hij sluit af met de woorden: 'Theater is zo ongrijpbaar. Iemand doet iets en soms blijft het wat het is. Als ik dat zie, word ik onmiddellijk ook heel pessimistisch over mijn eigen werk. Maar soms stijgt het op, is iets gelukt.

Dit artikel heeft betrekking op de volgende regeling(en) van het Fonds voor Cultuurparticipatie website: Talentontwikkeling en Manifestaties

Dit artikel is een portret uit de reeks verhalen die we delen binnen het programma: Cultuur maakt iedereen